AI‑tools zoals ChatGPT en Claude zijn in korte tijd vanzelfsprekend geworden op de werkvloer. Even een mail laten herschrijven, een beleidsstuk samenvatten of snel een idee uitwerken. Zeker binnen het mkb is de drempel laag: het werkt direct, levert resultaat op en bespaart tijd. In veel organisaties speelt op de achtergrond wel het besef dat het eigenlijk niet mag om gevoelige informatie te delen, maar in de praktijk overheerst het gevoel dat iedereen het doet en dat het allemaal wel meevalt.
Juist daar schuilt het risico. Wat begint als een handig hulpmiddel kan zonder duidelijke afspraken uitgroeien tot een blinde vlek in informatiebeveiliging, privacy en compliance. En met wetgeving als de AVG en NIS2 die expliciet stuurt op grip op data en digitale risico's, is dit hét moment om kritisch te kijken naar hoe AI binnen jouw organisatie wordt gebruikt.
Wat dat precies betekent, waar de risico's liggen en hoe je AI op een beheerste manier inzet binnen jouw organisatie, lees je in deze blog.
Generatieve AI raakt direct aan privacy, informatiebeveiliging en governance. Op het moment dat medewerkers bedrijfsinformatie, persoonsgegevens of klantdata invoeren in een publieke AI‑tool, verliest de organisatie de controle over wat er met die gegevens gebeurt. Waar de data wordt opgeslagen, hoelang deze bewaard blijft en of deze wordt gebruikt om het model verder te trainen, is in de meeste gevallen onduidelijk.
Het bijzondere is dat dit gebruik vrijwel altijd onzichtbaar plaatsvindt. Publieke AI‑tools staan buiten de bestaande beveiligingsmaatregelen, logging en toegangscontrole. Er is geen centraal overzicht, geen beleid en geen mogelijkheid om gebruik te sturen of te beperken. Dat maakt verantwoorden, controleren en bijsturen vrijwel onmogelijk, terwijl de verantwoordelijkheid wél bij de organisatie blijft liggen.
Onder de AVG blijft de organisatie verantwoordelijk voor de verwerking van persoonsgegevens, ook wanneer dit via een externe AI‑tool gebeurt. Zonder verwerkersovereenkomst, transparantie en duidelijke afspraken over datagebruik ontstaat al snel een overtreding. De Autoriteit Persoonsgegevens benadrukt bovendien dat organisaties moeten kunnen aantonen dat zij grip hebben op AI‑toepassingen en bewust omgaan met de bijbehorende risico's.
Daar komt NIS2 bij. Die wetgeving stuurt expliciet op beheersing van digitale risico's, ook buiten de traditionele IT‑voorzieningen. Ongecontroleerd gebruik van AI‑tools valt daar steeds vaker onder. Het argument "we hebben het niet actief ingevoerd" houdt daarbij geen stand. Wat medewerkers structureel gebruiken, maakt feitelijk onderdeel uit van de bedrijfsvoering.
De boodschap is daarmee niet dat AI gevaarlijk is, maar dat innovatie en controle gelijk op moeten blijven gaan. Gaat innovatie sneller dan controle, dan voelt dat tijdelijk comfortabel, maar vergroot het de kwetsbaarheid van de organisatie op de langere termijn.
De route naar verantwoord AI‑gebruik is voor iedere organisatie anders. Bedrijfsmodel, type data, volwassenheid en cultuur bepalen welke stappen het meest effectief zijn. Het begint daarom altijd met inzicht: welke AI‑tools worden binnen jouw organisatie gebruikt, door wie en met welke informatie?
Helder beleid en duidelijke kaders
Een AI‑beleid dat aangeeft welke tools zijn toegestaan, welke data wel en niet mag worden gebruikt en hoe medewerkers met AI om dienen te gaan.
Een beheerde AI‑omgeving
Een geïntegreerde oplossing, zoals Microsoft Copilot binnen Microsoft 365, waarbij data binnen de eigen tenant blijft en niet wordt gebruikt voor modeltraining.
Bewustwording bij medewerkers
Collega's die begrijpen waarom er afspraken zijn en herkennen welke informatie zij beter niet in een publieke AI‑tool zetten.
Governance en logging
Inzicht in wie AI gebruikt, met welke data en onder welke voorwaarden, gekoppeld aan bestaande identity‑ en rechtenstructuren.
Een actuele risicoanalyse
Periodiek beoordelen welke AI‑risico's relevant zijn voor jouw organisatie en welke maatregelen daar de meeste impact op hebben.
Door deze onderdelen in samenhang in te richten, ontstaat een werkbare basis waarin AI bijdraagt aan efficiëntie zonder dat privacy, compliance en controle onder druk komen te staan.
Binnen yellow arrow gebruiken wij Microsoft Copilot als standaard AI‑ondersteuning. Iedere medewerker werkt daarmee binnen een beheerde en beveiligde omgeving, gekoppeld aan bestaande rechten en data. Gevoelige informatie blijft daardoor beschermd en inzichtelijk. En efficiëntiewinst is geen los neveneffect, maar een gecontroleerd onderdeel van het werkproces.
Natuurlijk experimenteren wij ook met andere AI‑tools, want innovatie blijft belangrijk. Dat doen we bewust en gecontroleerd, zonder klantdata of vertrouwelijke informatie te gebruiken. Door hierover vooraf heldere afspraken te maken, blijft er ruimte om te leren zonder onnodige risico's te nemen.
Deze aanpak past bij hoe wij breder naar security kijken: niet verbieden om het verbieden, maar mogelijk maken binnen duidelijke kaders. Werkbaarheid en veiligheid hoeven elkaar niet uit te sluiten, op voorwaarde dat je er bewust mee omgaat.
Veel organisaties worstelen met de balans tussen innovatie en beheersing. AI‑tools zijn daar een duidelijk voorbeeld van. Yellow arrow ondersteunt organisaties bij het krijgen van grip op AI, zowel via onze yellowSECURE‑dienst als met losse expertise. We helpen met:
In welke fase jouw organisatie ook zit, wij denken mee en helpen gericht verder. Veilig vooruit, met grip op wat ertoe doet.